Waarom schieten mannen zo snel in de verdediging?
Steeds vaker kom ik op Social Media posts en video’s tegen over mannen die defensief reageren in relaties. Je zou denken: hebben vrouwen hier dan geen last van? Schieten die dan minder gauw in de verdediging dan mannen? Want vrouwen zullen het toch ook niet leuk vinden als ze aangesproken worden op hun gedrag?
Wat is een defensieve partner eigenlijk?
Als een partner defensief is/doet, dan wordt bijna alles wat je zegt beschouwd als een aanval. Je benoemt iets aan het gedrag wat je niet zo leuk vindt, maar het wordt opgevat als kritiek op identiteitsniveau.
“Oh, dus jij vindt dat ik het nooit goed doe?”
“Natuurlijk, ik ben een waardeloze partner, nou goed?”
“Je hebt het wel slecht bij mij, nietwaar?”
“Ja, maar jij…”
Hij ontkent, draait het verhaal om, schuift de schuld terug of trekt een giga muur op waar je de eerste uren niet meer doorheen komt.
Wat hij niet kan is zeggen: “Het is niet mijn bedoeling om je pijn te doen. Vertel me waarom je je gekwetst voelt.”
Hoe een defensieve partner zich gedraagt in conflict
Defensief gedrag heeft een aantal vaste gedragingen en je herkent ze vast als je een defensieve partner hebt.
Hij ontkent glashard wat je net hebt zien gebeuren. “Dat heb ik nooit gezegd.” Terwijl je het tien minuten geleden hoorde.
Hij draait het om, zodat jij ineens degene bent die jezelf staat te verklaren. Je begon over zijn toon, en voor je het weet sta jij te verdedigen waarom je gevoelig bent.
Hij verandert van onderwerp of haalt er een oude koe bij. “En jij dan, vorig jaar met je zus?”
Het conflict van nu wordt zo een rechtszaak over jouw hele verleden.
Hij bagatelliseert. “Je maakt er weer een drama van.” “Stel je niet zo aan.” Alsof jouw gevoel het probleem is, en niet wat hij deed.
En als niets daarvan werkt, trekt hij de muur op. Hij klapt dicht, loopt weg of zwijgt urenlang. De stilte wordt zijn wapen en jij blijft achter met een gesprek dat halverwege is afgekapt.
Het gemene is: stuk voor stuk lijken het kleine dingen. Maar samen vormen ze een patroon waarin jij nooit gehoord wordt. Je woorden komen niet aan. Ze ketsen af op een schild dat hij al optrekt voordat je überhaupt een goed gesprek hebt kunnen starten.
Wat hij zegt in zijn defensieve modus
De taal van defensiviteit worden standaard uitspraken in huis. Het zijn zinnen die je honderd keer hoort:
“Zo ben ik nou eenmaal.”
“Jij zoekt er ook altijd iets achter.”
“Ik kan ook nooit iets goed doen.”
“Waarom maak je hier zo’n punt van?”
“Dat is jouw interpretatie/beleving.”
“Ik ga hier niet over praten als je zo doet.”
Hoor je wat al die zinnen gemeen hebben? Ze leggen de bal weer bij jou neer. Zijn gedrag is jouw probleem. Sterker nog, jij hebt het veroorzaakt. Een van de meest voorkomende uitspraken van een defensieve partner is: “Ik kan het ook nooit goed doen bij jou.”
Daarmee maakt hij zichzelf tot slachtoffer, precies op het moment dat jij iets nodig had. Voor je het weet sta jij hem te troosten en gerust te stellen, terwijl jij juist iets wilde delen over jouw gevoelens.
Hoe het conflict eruitziet
Een conflict met een defensieve man eindigt zelden bevredigend.
Het begint vaak klein. Je zegt iets simpels — dat je het vervelend vond dat hij weer te laat was, dat je je alleen voelde gisteravond. En in plaats van dat hij het aanhoort, escaleert het binnen drie zinnen. Want hij hoort geen uiting van het alleen-zijn gevoel, hij hoort een aanval op zijn persoontje. En: BAM! Je krijgt een aanklacht terug.
Hoe meer je jezelf probeert uit te leggen, hoe emotioneler hij reageert. Hoe meer je hem probeert te wijzen op zijn emotionele onbeschikbaarheid naar jou toe, hoe harder hij ontkent en het op jou afschuift. Uiteindelijk gebeurt een van twee dingen: hij ontploft, of hij loopt weg en het gesprek dooft uit in ijzige stilte. De volgende dag doet hij alsof er niets is gebeurd, terwijl jij nog probeert te bedenken hoe je dit had kunnen voorkomen.
Het ergste is wat dat met jóu doet op de lange duur. Je gaat op je tenen lopen. Je formuleert je zinnen drie keer in je hoofd voordat je ze uitspreekt. Je slikt steeds vaker iets in, want het kost simpelweg te veel energie. En zo word jij langzaam stiller in je eigen relatie. Omdat je weet dat hij jouw gevoelens niet kan incasseren en het steeds op zichzelf betrekt.
Waar komt zijn gedrag vandaan?
Geen man wordt defensief geboren. Defensiviteit is een overlevingsstrategie, en strategieën leer je. Dit leer je meestal in een huis waar fouten maken niet gewaardeerd werd. In een huis waar een of beide ouders koud, onverschillig, explosief of dominant was. In een huis waar liefde voorwaardelijk was. Waar hij zich als kind groot moest houden, niet mocht zeuren of waar er gewoon niet over gevoelens gepraat werd.
Een kind is een spons
Kinderen gaan doen wat hun ouders doen of wat ze verteld wordt. Als kind vraag je je niet af of hoe het er thuis aan toe gaat normaal is. Het is gewoon zo. Maar als je leert:
‘Wij voeren geen kwetsbare gesprekken’
‘Je moet gewoon luisteren’
‘Jij hebt geen recht op je eigen mening’
‘Het is niet belangrijk wat jij voelt’
Dan moet je als kind daarmee omgaan. Dus wat is het alternatief?
Vermijden, een muur optrekken, om de hete brij heen bewegen, het altijd goed doen om je ouders tevreden te stellen. Je hebt geen keuze als je jong bent. Maar natuurlijk doet dat iets in je binnenste, het zou gek zijn als dat niet zo is.
Wat doet dat dan en wat maakt hem defensief?
Gevoelens van schaamte, afwijzing, niet goed genoeg zijn, klein voelen.
En laten dat nu net precies de gevoelens zijn die opkomen als hij zo defensief doet in zijn relatie met een volwassen partner. Logisch, want die partner triggert die oude pijn. De oude pijn van een kind die de liefde van zijn ouders probeerde te krijgen. En de pijn die daar bovenop komt is vaak ook de pijn van: je gaat dat ook niet meer krijgen. Het is niet meer te fiksen.
Dit zijn uiteraard geen bewuste gevoelens voor hem. Hij denkt dat zijn jeugd er niets mee te maken heeft en dat zijn partner het probleem is. Die moet gewoon normaal doen. Zolang hij in die mindset blijft, zal dit tussen jullie in blijven staan. Om het gedrag te veranderen zal hij wel in een bepaalde mate moeten zien dat hij oude pijn op jou projecteert. Dat jij, als zijn emoties even hoog oplopen, hem op een bepaalde laag, doet denken aan zijn vader of moeder. Zijn brein denkt: ‘dat nooit meer! Dat laten we niet over onze kant gaan.’ De oude strategie blijft staan: vermijden, muur optrekken.
Vroeger probeerde hij het goed te doen voor zijn ouders, nu komt de kwaadheid naar buiten. De kwaadheid over het niet mogen falen, over niet gehoord worden, niet gezien worden. De kwaadheid gaat niet over jou, maar over ongeheelde pijn.
Het is geen excuus
Zijn gedrag is volledig te verklaren. Maar het verontschuldigt hem niet. Want, helaas voor hem, het is een volwassen vent. Geen klein kind meer. Je bent niet verantwoordelijk voor de pijn die jou is aangedaan, maar wel voor wat je er nu mee doet. Jij als partner hoeft geen boksbal te zijn voor het feit dat hij zijn emoties niet onder ogen wil zien. Jij hoeft niet altijd te doen alsof het goed met je gaat omdat hij het niet aankan dat je je een keer niet fijn voelt. Je partner aanspreken op gedrag wat je niet fijn vindt zou gewoon moeten kunnen en jouw eigen gevoelens uitspreken zeker. Een man die jouw gevoelens als een persoonlijke aanval ziet, is nog niet helemaal emotioneel volwassen.
Dit is geen aanval
Wat zo’n man moet leren is: de gevoelens van mijn partner zijn van haar en die gaan over mijn gedrag, niet over mij als persoon. De gevoelens van mijn partner komen uit haar belevingswereld; die zeggen vooral veel over haar en haar oude pijn en deels misschien over iets dat ik gezegd of gedaan heb. Ik ben bereid om naar mijn aandeel hierin te kijken en wat ik hierin kan verbeteren.
Waarom je dit vaak juist bij mannen ziet
Dit gedrag bestaat heus ook bij vrouwen, laten we eerlijk blijven. Maar er is een reden dat je het zo vaak bij mannen tegenkomt.
Jongens leren nog steeds van jongs af aan dat er maar één emotie veilig is om te tonen: boosheid. Verdriet is voor mietjes, angst is zwakte, twijfel is geen optie.
“Een vent huilt niet.”
“Kop op.”
“Niet zeuren.”
Hele generaties jongens kregen het hele palet aan gevoelens teruggesnoeid tot die ene emotie: boosheid. Dat komt eruit in enkele gradaties: irritatie, frustratie, boosheid, woede.
Het gevolg is dat veel mannen nooit hebben geleerd om schaamte, verdriet, angst en het hele scala aan emoties te voelen zonder eraan ten onder te gaan. En dat veroorzaakt het probleem in conflicten. Toegeven dat je iets fout gedaan hebt, kunnen luisteren naar je partner, open staan voor feedback, dat vraagt om het kunnen verdragen van schaamte, verdriet, angst, zonder dat je wereld instort.
Als je dat nooit geleerd hebt, om je emoties op een gezonde manier te reguleren, dan sla je op de vlucht als het moeilijk wordt. En dat vluchten ziet er uit als: ontkennen, aanvallen, dichtklappen, bagatelliseren, sarcasme, etc.
Daar komt bij dat mannen cultureel werden opgevoed om problemen op te lossen, niet om gevoelens te delen. Als jij je hart lucht, hoort hij geen behoefte aan verbinding — hij hoort een klacht die hij moet fixen of weerleggen. En als hij het niet kan fixen, voelt hij zich gefaald. Dus verdedigt hij zich tegen dat gevoel van falen, terwijl jij alleen maar gezien wilde worden.
Bij vrouwen komt het gedrag simpelweg minder voor omdat meisjes deze druk meestal niet op zich hebben gekregen, hun thema’s zijn vaak anders.
Waarom dit niet werkt op de lange termijn in een relatie
Als je samenleeft met een partner die zijn eigen emoties (en jouw emoties) niet aankan, ben je vaak bezig te sussen, jezelf in te houden, overmatig aan het uitleggen, begrip te tonen voor zijn standpunt. Jij voelt je alleen en hij zal denken: het gaat toch prima?
Een defensieve man zuigt tijd, energie, je eigen stem en je gevoel van eigenwaarde. Beetje bij beetje druppelt je emmertje over en op een dag ben je er klaar mee. Dat voorspel ik je.
Kan het anders?
Het kan zeker anders. Maar jij kunt het niet in je eentje oplossen.
Hij moet wel erkennen dat hij dit doet en er zelf iets aan willen doen. Kritisch durven kijken naar zijn gedrag. Niet op de manier zoals ie dat kent, natuurlijk. Niet nog meer van: “Jij doet het niet goed.” Maar dat ie bij zichzelf gaat onderzoeken: ‘wat voel ik, net voordat ik in de verdediging schiet? Welke emotie zit er onder die boosheid?’
De oplossing is niet dat jij op eieren gaat lopen of hem behandelt als een klein jongetje. Het snelste leert hij door tegen zijn triggers aan te lopen en door dan met zijn emoties te gaan zitten. Niet meer weglopen, gladstrijken of de bal over de schutting gooien, maar zélf voelen en praten over wat er echt aan de hand is.
Wat kun jij doen?
Jij kan nog helderder zijn in wat je nodig hebt en waarom. Voelen bij jezelf wat jij eventueel projecteert uit je verleden en hier eerlijk over zijn. Hem niet onderwerpen aan een kruisverhoor en vraag na vraag afvuren, maar hem tijd geven. Hij is dit niet gewend. Het kan wel twee dagen duren voordat hij weet wat hij echt voelt.
Vaak is er therapie nodig. Samen, maar ook individueel. Je hebt hier te maken met jarenlange patronen en overlevingsstrategieën en jij bent niet zijn therapeut of zijn moeder. Op het moment dat hij voelt dat jij hem betuttelt of dat hij je patiënt is, mag jij een stapje terug doen en een therapeut dit werk laten doen.